donderdag 12 januari 2023

Reisverslag 2023/2, Per trein langs de kust van Noord Kerala (India)

Reizen in India

"Niets gaat vanzelf in India. Altijd zijn er onverwachte complicaties. En zelfs de kortste wandeling op straat wordt een avontuur."

Ondanks de enorme modernisering in India, zijn die kenmerken de afgelopen 30 jaar hetzelfde gebleven. Soms is het dan ook wel vermoeiend dat je steeds attent moet zijn, je steeds moet aanpassen aan een nieuwe situatie, steeds nieuwe indrukken moet verwerken, steeds moet filteren uit het lawaai wat je wel en niet wilt horen, steeds wordt aangesproken (hoe vriendelijk ook). Maar je krijgt er ook veel voor terug, je ziet fantastische dingen, maakt de raarste dingen mee, spreekt bijzondere mensen.

In ruim twee weken zakten we af langs de kust van Noord Kerala. Meest per trein, meest vrij korte verplaatsingen. We hadden regionale stoptreinen, soms met een zitplaats, soms samengeperst staand in het halletje. De open ramen zorgeden voor broodnodige ventilatie. Onze treinen reden op tijd of hadden tot een half uur vertraging.


Arabische invloeden

Al meer dan 2000 jaar zijn er handelsroutes tussen Arabië en de Malabar kust. Daardoor waren de eerste Christenen hier al in het jaar 50 en de eerste Moslims in het jaar 10. De kleinere kustplaatsen zijn nog steeds overwegend Islamitisch - vegetarisch eten is hier minder vanzelfsprekend dan in andere delen van India. Of het komt door die oude handelsgeest weet ik niet, maar de mensen zijn opener dan ik in India gewend ben. Ze lachen je spontaan toe en heten je welkom.

Behalve die oude invloeden uit het Midden-Oosten, zijn er ook nieuwere. Tegenwoordig werken honderdduizenden Indiërs in de Golf. Met het geld dat daar verdiend wordt, bouwen ze grote moderne huizen. Ieder dorp, ieder stadje heeft uitgestrekte buitenwijken met prachtige villa's. En je zag het terug in de vele shoarma-zaken, de mint-drankjes, de goudwinkels.

Zo spraken we bij een theestalletje een paar jongemannen die voortdurend heen en weer reisden tussen verschillende Golfstaten, handelden in dure auto's, goud en wat dies meer zei. Echte sjacheraars. In een garden restaurant spraken we een man die 20 jaar in Dubai op management-nivo gewerkt had, nu met vervroegd pensioen ging en van het verdiende geld een stuk land in het binnenland van Kerala gekocht had waar hij ging hobby-boeren. In allebei de gevallen betaalden ze ons drankje.

Forten, backwater en strand

De Portugezen, de Nederlanders, de Engelsen, de Fransen en verschillende regionale krijgsheren vochten eeuwenlang om invloed over de welvarende kuststrook. Daarvan zie je nog steeds culturele invloeden en als meest tastbare een aantal forten. We bezochten er een vijftal. Dat varieerde tussen een zoektocht naar wat overwoekerde resten van een muur, en een groot gerestaureerd complex met wandelpaden, bastions en uitzichttorens.

De meeste forten hadden stepwells, waar je kon afdalen tot het grondwater-nivo. Ze waren minder fraai bewerkt dan in Noord India, maar functioneel als je fort omsingeld werd. Sommige hadden (geheime?) tunnels om bij zee uit te komen.

Kasargod 

Kasargod was een grotere plaats dan verwacht. We vestigden ons aan de rand van de stad, bij het nieuwe busstation. Daar waren hotels en restaurants, en heel verrassend een groepje stalletjes met eten en drinken waar na schooltijd jongeren samenschoolden. Zelfs jongens en meisjes mengden met elkaar.

De doorgaande wegen waren overvol vies en lawaaierig verkeer. Maar zo gauw we een zijstraatje insloegen liepen we door landelijk gebied. Van eindeloos geraas en getoeter naar bijna serene stilte. Uiteindelijk kwamen we op de plek die we zochten, waar de ruïnes van Kasargod Fort zouden moeten zijn. Alles was overwoekerd en met moeite herkenden we de resten van een bastion en een uitkijktoren.

5 km buiten de stad lag het goed onderhouden Fort Chandragiri. De omtrek van het fort was nog helemaal intact of gerestaureerd. Dikke hoge muren rondom een veld ter grootte van twee voetbalvelden. Er was een voetpad langs de binnenkant van de buitenmuren, met een aantal bastions. Je had goed zicht over de rivier, de monding en het binnenland - een goede plek voor een fort. 

We waren er met een riksja “buitenom” naartoe gegaan, maar we liepen terug, net als de locals, over de spoorbrug over de brede rivier het stadje in. Het was ver lopen, en intussen was het behoorlijk warm geworden en waren we door ons water heen. Toen we bij de bijna 1400 jaar oude Malik Deenar Juma moskee aankwamen, was het daar een immense drukte. Vandaag was de laatste dag van een festival ter ere van Deenar (die ook de Moskee die we in Mangalore hadden bezocht, had gesticht), en van heinde en verre waren mensen er op afgekomen. We werden hartelijk welkom geheten en een vriendelijke meneer haalde een paar flessen water voor ons.

Bekal 

In Bekal woonden we in een soort mini-resort, letterlijk in de schaduw van het fort. Tussen de kokosbomen liepen de pauwen. Dichtbij was een strand waar je mee kon deinen in de golven van de Arabische Zee. En op loopafstand was een lunch-restaurantje waar ze speciaal voor ons twee keer een avondmaaltijd kookten. Sublieme home cooked maaltijden. De mevrouw kwam uit Bangalore en voelde zich allesbehalve thuis in dit kleine gehucht, waar ze woonden omdat haar man de familie-tempel moest onderhouden.

Payyanur 



In Payyanur maakten we een lange tocht over de backwaters. Dat zijn rivierarmen en lagunes die door een smalle strook land van de zee zijn afgescheiden. Eromheen zijn kleine gemeenschappen en kokosplantages. Toen we bij de steiger informatie zochten over vertrektijden, werden we door de buren getrakteerd op verse kokosnoten. Normaal drink je die met een rietje leeg, bij gebrek daaraan werd het een enorme kliederboel. Een filmpje daarvan zagen we de volgende dag op de telefoon van een van de bemanningsleden!

We zaten op een veerboot die heen en weer zigzagde tussen verschillende steigers. De meeste mensen lieten zich alleen overzetten, maar wij overbrugden uiteindelijk hemelsbreed zo'n 10 km. Sommige stukken voeren we alleen met de vijfkoppige bemanning. De uitzichten, de watervogels, de vissersbootjes, de met palmen gezoomde kustlijn: mooier dan dat kon het eigenlijk niet worden.

Kannur 

In Kannur Fort kregen we een persoonlijke rondleiding van een lokale politieagente. Ze kwam op ons af toen E over een hekje leunde. In plaats van haar terug te fluiten, klommen de twee dames samen over de muren en kantelen van het fort. Ze wist best wat van de geschiedenis, en met z'n drieën bestudeerden we de grafsteen van Susanna, de jong overleden echtgenote van de toenmalige Nederlandse bevelhebber. De tekst was in verweerd oud-Nederlands. De agente had nog een oude foto waarop de tekst minder verweerd was. Uiteindelijk lukte het alles te ontcijferen. We beloofden haar het in te spreken en op te sturen.

Kozhikode 


Kozhikode was met afstand de grootste stad van Noord Kerala. Druk maar ook met een meer grootstedelijke sfeer, zoals aan de tafeltjes op het gazon van ons hotel en in de mall. In het oudste deel van de stad vond je 14de-eeuwse houten moskeeën met prachtig houtsnijwerk. Net als in Mangalore waren de oude wijken langs de kust het oudst en het armst. Verder bezochten we een oude mali tempel en het archeologisch museum.



Kozhikode was de laatste kuststad de die we deze reis aandeden. Vanaf hier gingen we landinwaarts, via Palghat en Dindigul (nog twee forten!) naar Trichy.
Lees over de praktische kant van deze reis: Lily's Mini Travel Guide

Geen opmerkingen: