woensdag 5 november 2014

Varkala's Vissers Verdwijnen (5/5)




Het was vier uur 's nachts. De maan was ondergegaan, maar op Achmed's boot hing een gaslantaarn om de vissen te lokken. Zijn zicht was niet verder dan het licht scheen. Kleine golven klotsten tegen de boot. Het was het koelste moment van de nacht, maar toch niet koud. Achmed overdacht de gebeurtenissen van de afgelopen weken.

Die bewuste dag waren hij en Tahir alle vrienden en familie langsgegaan. Overal hadden ze wat geld geleend. De een kon wat meer geven, de ander wat minder. Vooral zijn collega-vissers hadden al het mogelijke gedaan om hem te helpen. Aan het eind van de dag had hij net genoeg om de moneylender te betalen. Voor de reparatie aan de boot kon hij nog verder uitstel van betaling krijgen.

De volgende nacht had hij, ook op zijn boot gezeten, lang gepiekerd. Eigenlijk wist hij al dat Tahir geen visser wilde worden, maar om hem dat te horen was toch een schok geweest. Achmed zou zo iets nooit tegen zijn eigen vader hebben durven zeggen, maar waardeerde toch dat zijn zoon dat nu wel gedaan had. Na vele uren had hij tegenover zichzelf moeten toegeven, dat er voor zijn zoon geen toekomst als visser was. Zo'n schamel en onzeker bestaan paste niet bij de nieuwe generatie, die het nieuwe India moest gaan vormen. Al helemaal nu de centrale overheid van India toestemming had gegeven aan grote buitenlandse trawlers om in Indiase wateren te werken. Hij moest zijn zoon de vrijheid geven een ander beroep te kiezen, ook al werd daarmee de traditie van vele generaties doorbroken. 

Hij had contact opgenomen met zijn achterneef in de grote stad. Via via had die een baan als receptionist in een groot hotel voor Tahir geregeld. En zelfs geld voorgeschoten om het bedrag te betalen dat als "borg" gedeponeerd moest worden. (Banen kosten geld in India; een deel voor smeergeld voor degene die de baan te verdelen heeft; een deel als zekerstelling dat de werknemer niet van de ene op de andere dag vertrekt.) Tahir kon ook bij hen in huis wonen.

Gister was er voor het eerst een brief van Tahir gekomen, met wat geld er in. Het was nog niet veel, omdat hij ook aanloopkosten had. Maar zeker zou het de komende maanden meer worden. Tahir schreef ook dat hij genoot kennis te maken met deze kant van India: de welgestelden en zakenlieden die hier kwamen, waren óók Indiërs, maar leken uit een andere wereld te komen dan het dorp dat hij kende. Langzaam drong het tot hem door, dat hij niet naar het westen hoefde te kijken, om een ander soort leven te kunnen leiden. Ook zijn eigen land bood ongekende mogelijkheden.

Varkala (KE), januari 2004

Dit was het vijfde en laatste deel

Klik hier voor de eerste aflevering .

Geen opmerkingen:

Een reactie posten